Uit het archief van www.buddha-dharma.nl






MYANMAR

De gewapende conflicten in de Rakhain/Ńrakan-staat


Wikipedia-informatie stelt dat er in 1982 een wetstekst is gekomen die de 10.000 tot 56.000 hindus die vanuit Bengalen het land waren binnengekomen geen volledig staatsburgerschap toekent, maar dat ze wel een identiteitsbewijs kunnen dragen, een "ID Card for National Verification". In genoemd jaar 1982 werd dezelfde wet geldig voor zowel de geÔmmigreerde hindus als de Bengali/Rohingya. Het is ook het jaar geweest dat Aung San Suu Kyi onder huisarrest werd geplaatst. De junta werd op dat moment geleid door Than Shwe die in 2011 aftrad. Het regime is sinds 2011 iets minder extremistisch geworden, de wetstekst over staatsburgerschap is echter niet gewijzigd, en is tijdens de recente, meest beroerde periode in de Rakhine/Arakan-staat opnieuw onder vuur genomen.

Op een andere wikipedia-pagina vinden we een incomplete lijst van opstandelingenlegers en -legertjes op het MyanmŠ-grondgebied. Met uitzondering van de opstandelingen in de Rakhain/Ńrakan staat hebben de internationale media daar geen enkele belangstelling voor, negatief gefocust op "de islam" als ze zijn.

Hoe gecompliceerd de situatie is bleek uit een video die medio september 2017 werd geupload door Bangladeshi journalisten. Ze stelden de juiste vragen (niet liegen, hoor!) over naam en familie-afkomst aan een groep hindu-vrouwen die met de rest mee waren gelopen en gevaren naar Bangladesh, maar het hadden ook andersgelovigen kunnen zijn.
Ze stelden niet de vraag "waar is uw man nu?" (— Vrouw, ze gaan weer uitdelen; ga er heen en zorg dat je niet met lege handen terugkomt.) Een vijftal onder hen was echtgenote van een kapper (5! in 1 gehucht!, dus 5 werklozen met af en toe een bezigheid), en een had een goudsmit als echtgenoot.
Komt u uit Myanmar, was de vraag aan een van de vrouwen. "Nee", was het antwoord, "uit Arakan" (Rakhine). Ze werd snel gecorrigeerd door een van de andere vrouwen: — "je moet Myanmar zeggen."
Conclusie van de journalisten was: ze zeggen dat ze uit Myanmar komen. Een westerse journalist zou hebben geconcludeerd: ze komen uit Myanmar. Ziet u het verschil?

Deze pagina is een tussenstand-opname. Het zou in de jaren volgend op 2017 interessant kunnen zijn om te volgen hoe de zaken verder zijn verlopen.

2 september 2017

Tijdens het geweld tussen leger en Rohingya die een eigen staat eisen lag het aantal omgekomen personen op 1 september rond de 400, zo werd van verschillende kanten bekendgemaakt. Mizzima kopte een "Farmers turn to fight in Rakhine State". Het verhaal gaat in eerste instantie over sigaretten-smokkelaars die regelmatig de Birmees-Bangladeshi grens oversteken, en in tweede instantie over zich Rohingya noemende boeren (zie foto) die zich bij die opstand hebben aangesloten.

Kennelijk stellen ze geen prijs op het birmese staatsburgerschap. De britse Telegraph toonde bovenstaande foto waarop, zegt het onderschrift, een boer die opstandeling/separatist is geworden met zijn wapen over de schouder bij in brand gestoken huizen wegloopt. Een vluchtende burger zou rennen, zouden we zeggen; deze man stapt rustig door de velden. In het land werd gezegd dat de Rohingya zelf huizen en hutten in brand staken teneinde een maximale media-aandacht te genereren. De westerse media die evenals wij van een afstandje toekeken geloofden dat niet, en journalist Jonathan Head, die in tegenstelling tot anderen door het gebied mocht reizen, meldde, volgens berichten van 11 september, dat birmees politiepersoneel dorpen in brand aan het steken waren: ze mogen niet terugkomen, lijkt de achterliggende motivatie van het politiepersoneel te zijn geweest.
We zijn het met iedereen eens die zegt dat dit niet de taak van deze dienst, of van het leger is. Tientallen jaren van wetteloosheid lijkt van de wapendragers in Myanmar eerder een bende eigen-rechter spelende misdadigers te hebben gemaakt.
Er is echter een tweede reden aan te voeren voor het door Rohingya-boeren zelf in brand steken van eigen huizen en schuren. Het hier afgebeelde fragment van een artikel in The Economist van 21 april 2012 hint in de richting van een antwoord. (Engeland herinnert zich pijnlijk de onafhankelijkheidsstrijd van Myanmar, even na die van India(1); The Economist maakt deel uit van de bovenlaag van de engelse klassenmaatschappij; men zal daar niet zo snel aannemen dat een bijdrage in de Economist maar geleuter van het lagere volk is.)
Het fragment zegt dat het leger zelf zijn eigen kostje bij elkaar moet scharrelen, onderandere door soldaten het vak van boer te laten uitoefenen. Wanneer dan een Rohingya-boer denkt "als ik hier dan toch niet meer blijven kan, resp. wanneer ik me dan toch bij ons leger aansluit, dan steek ik de boel ook in de fik; ze zullen mijn huis en schuren niet hebben." Ook dat is een overweging die we mee moeten nemen.

Een "prominente Rohingya-leider", zo meldde Mizzima, maakte zich zorgen: "deze gewone boeren die strijders zijn geworden, met weinig wapens in de hand, zullen de Rohingya-moslims niets dan ellende bezorgen."
Persbureau Agence France Press (AFP) meende opgevangen te hebben dat er Rohingya zijn die zich inmiddels open tonen naar uitnodigingen van terroristen-zijde.

        Zoals eerder gemeld is er wel degelijk de wens tot een eigen Rohingya-staat binnen de grenzen van wat nu Arakan of Rakhine in Myanmar wordt genoemd. Een door een AFP-bron als terrorist gedefinieerde persoon uitte zich met een "Er komen (in het semi-militaire trainingskamp) veel mannen aan en (dat kamp) Al Yaqin wordt met de dag groter. Onze onafhankelijkheid is niet ver verwijderd."

Let op de arabische naam Al Yaqin, en bedenk dat hier sprake is van "de derde islamitische jihad", zoals Siddharta Sarma van The Times of India dit noemt — in 1948 in een poging een Rohingya-staat te vestigen separaat van "East Pakistan" (Bangladesh), in de 70-er jaren tijdens wat genoemd wordt de "eerste globale islamistische beweging", en nu, begin 21ste eeuw, met de opkomst van nieuwe en fundamentalistische "islamitische staten" en wat dies meer zij.

Westerse media brachten het eerste bericht, dat over de honderden doden, op 31 augustus 2017 groot, en velen voegden er aan toe dat Aung San Suu Kyi, die zij ten onrechte als almachtige regeringsleider zien (ze is deel van de grootste partij in het parlement waar niettemin de leger-fractie het nog steeds voor het zeggen heeft), haar Nobelprijs maar afgenomen moest worden, want ze beschermde de Rohingya niet, of niet genoeg.

        Groot-BritanniŽ is nooit helemaal over het verlies van "Burma" heengekomen, en vanaf dat noordelijke eiland wordt nog het hardst foei geroepen naar zowel het verloren gegane Sri Lanka als naar Myanmar. De Times van 2 september gaf daar een voorbeeld van met een bitse kop: "Aung San Suu Kyi: Burmaís once-saintly leader cannot hide her flaws any more."
Khilafah.com (kalifaat.com) uit IndonesiŽ doet een flinke duit in het zakje waar het een opstoken van vijandigheden aangaat. Het is pas sinds die broederlijke belangstelling, en sinds de komst van een Saoedische imam, dat er Rohingya-vrouwen zijn die volledig gesluierd gaan. Ook daar hebben de grote netwerken geen oog voor.

Er moet toch eens een sociologie van het journalisme komen dat tegelijkertijd de meest belangrijke nieuwsvoorziener is, ťn de grootste maatschappelijke en politieke disruptor, om een modieus begrip te hanteren, die we ons kunnen denken.

In de eerste week van september 2017 werd duidelijk dat India en China een resolutie van de VN-Veiligheidsraad, waarin Myanmar zou worden veroordeeld, zouden tegenhouden. Op 11 september kwam dan ook de mensenrechtencommissaris van de VN in GenŤve aan het woord die vanuit zijn VN deel-organisatie een verklaring voorlas met de tekst "het lijkt op een textbook-example of ethnic cleansing". De woordvoerder gaf toe dat de VN geen toegang tot het gebied had, en dat er dus niet met eigen ogen kon worden vastgesteld wat er aan de hand was. In het weekend van 9 - 10 september 2017 werd duidelijk dat de opstandelingenmilitie een wapenstilstand had aangeboden. Een land als Thailand heeft in het diepe zuiden eveneens een separatistisch legertje, en MaleisiŽ en IndonesiŽ vrezen er voor. Een door Myanmar accepteren van een wapenstilstand zou deze landen niet blij hebben gemaakt, en bovendien zouden de opstandelingen zich hiermee gelegitimeerd kunnen achten, waarop ze verder zouden gaan met een aanbod over besprekingen over een afscheiding van Noord-Rakhine van Myanmar. Tot dat moment wees de birmese regering ook andere afscheidingsstrevingen af. Ingaan op een dergelijk voorstel vanuit de Rohingya zou de separatisten in het oosten sterken in hun wens.

De meeste heen en weer vluchtende Bengali/Rohingya hebben geen flauw idee van wat hen overkomt. Dat wil zeggen, ze hebben geen kennis over het hoe en wat en wie en waarom. In die zin zijn het gewoon de doorsnee migranten, of semi-nomaden die we overal aantreffen. "De wereld" kan er steeds slechter tegen dat mensen niet sedentair zijn — met uitzondering van romantische herders op de vlakten van SiberiŽ, MongoliŽ en Tibet — en dus wordt een keuze van nu eens hier, en dan weer daar je arbeidskracht verhuren bij de oogst met medelijden gadegeslagen.


(1) Bij specialisten is de geschiedenis welbekend, bij het grote publiek, inclusief nederlandse kranten- en radio- en tv-makers niet.
Het britse rijk maakte in India gebruik van de Parsis als ambtenaren en vertalers van de in het sanskriet opgestelde juridische geschriften van het indiase rijk. In beide landen, India en Myanmar (Burma, zo houdt een woordvoerder van het amerikaanse Human Rights Watch vol — september 2017) lieten moslims zich aanstellen als huis- en landbouwpersoneel. De boeddhisten (bv. in Ukhia) en hindus, toen en nu landbouwers in wat nu West-Bengalen heet, hielden zich afzijdig van het koloniale proces. Het moslim huis- en landbouwpersoneel werd meegenomen na de inname van Myanmar, zo hoefde de kolonist geen nieuwe taal te leren want het personeel fungeerde als tolk/vertalers — voor zover nodig. Deze mensen kwamen niet alleen terecht in de Rakhine/Arakan-staat waar ze na het vertrek van de Britten geen aansluiting vonden bij de rest van de bevolking die niet bepaald kolonie-gezind was, maar ze kwamen ook in het centrale deel van het land te wonen waar, opvallend genoeg, een normaal samenleven met de rest van de bevolking tot stand is gekomen, mogelijk ook onder invloed van van elders komende moslims (bijvoorbeeld de links, rechts, en overal handeldrijvende Hwei [schrijf: Hui] uit China) die van de nabijheid van boeddhisten en hindus nergens een punt maakten (zeker ook niet in IndonesiŽ en het huidige MaleisiŽ).
Wanneer de angelsaksische wereld nu van leer trekt tegen de boeddhisten in Myanmar (en die van Sri Lanka), dan speelt hier de onbekendheid met een andere cultuur die zich nooit heeft willen voegen naar britse overheersing, plus britse teleurstelling over de toenmalige afwijzing van, of onverschilligheid jegens het koloniale gezag.
Tekenend voor die houding is dat de britse BBC in de zomer van 2017 vrouwen uit verschillende voormalige koloniŽn aan het woord laat over hun leven toen, over hun migratie naar Engeland, en over hun leven nu. Voor zover het India aangaat hoorden we hier moslim- en Parsi-vrouwen. Hindus en boeddhisten, voor zover in Engeland aanwezig, kwamen niet aan het woord.

Een verslag van de gebeurtenissen rond de Rohingya/Bengali van september 2017 zijn als bijlagen aangehecht, als tijdsdocument.








Deze pagina is er een op de site www.buddha-dharma.nl
www.buddha-dharma.nl is eigendom van White Jade River, Instituut voor Boeddhisme