|
|
vervolg tentoonstellingenpagina
Hoewel de grot en zijn tempel mahāyānistisch zijn, zien we hier toch — en dat is voor Zuid-Korea niet ongewoon — het beeld van de historische Boeddha, afgebeeld in de nacht van zijn grote Ontwaken, met de aarde-aanrakende handhouding (bhumi-sparsha mudra - bhumi=aarde; sparsha=aanraken): "moge de aarde er van getuigen dat ik alles heb gedaan om deze verworvenheid te kunnen claimen". Doorgaans wordt voor die uitspraak verwezen naar de Làlita-Vistara, een later mahāyānistische vertelling over Boeddha's leven. Wanneer we kijken naar de vertaling door een kenner van de Tibetaanse Kangyur, de exoterische vertellingen uit die noordelijke mahāyānistische tradities, dan staat daar (Boeddha formuleert zijn voornemen in stilte): "Nu moet je Māra verslaan, / Met de perfecte palm van je hand de aarde aanrakend."
Een mudra met de platte hand op de aarde komt op beelden en in schilderingen echter nergens voor (tenzij wellicht in hedendaagse manga-achtige tekeningen in stripverhalen).
Er staat op deze site een
tekst over deze handhouding, maar we vinden een andere bron in de Pāli (= theravāda) Nidána-kathá waarvan hier onder een fragment. Wanneer Māra, de representatie van alles wat ons aan het leven gebonden houdt zegt dat hij perfect is omdat hij zoveel aalmoezen heeft uitgedeeld, en dat er ontelbaren zijn die daarvan kunnen getuigen — en die dat dan ook luidruchtig beamen — tart hij de toekomende Boeddha met een soort van: "En jij/u? Wie heb jij/u als getuige voor je/uw goede daden? Waarop de (P./Hybr. Skr.) bodhisatta/bodhisattva zegt dat er (die nacht, onder die
bodhiboom) niemand in de buurt is die voor hem kan instaan, maar hij gaat verder met een:
"Gij hebt levende getuigen die instaan voor uw uitdelen van aalmoezen, en ik heb er op deze plaats gezeten geen. Maar voor het moment, even niet over (al die andere) aalmoezen die ik in vorige levens heb gegeven, laat deze grote, ferme (of uitgestrekte) aarde, ook al heeft die geen bewustzijn, getuige zijn van de zevenhonderdvoudig grote gift die ik heb gedaan toen ik leefde in de persoon van Vessàntara" (de koning die alles weggaf, tot en met zijn vrouw en kinderen — en als gevolg van zijn gulheid ook weer alles teruggeschonken kreeg).
"En zijn hand onder zijn overgewaad vandaan halend strekte hij deze naar de aarde uit en zei, "Zijt gij wel of niet getuige geweest van de zevenhonderdvoudige gift toen ik als Vessàntara op aarde was."
En de grote Aarde bracht een stem voort die zei, 'Ik was daarvan getuige!' daarmee als het ware de menigte rond de Kwade (Māra) overweldigend alsof ze de (oorlogs-)kreet van duizenden tegenstanders hoorden." (Ze vluchtten.)
Dit is een en al beeldspraak: "Māra" staat voor de "koning" over al onze verlangens, gehechtheden, en genietingen. De stem, in dit geval van de aarde, komen we op andere plaatsen tegen wanneer er sprake is van een aardbeving, of van iemand die op z'n grondvesten staat te schudden. Over Vessàntara hadden we het bovenstaand, en de menigte rond Māra — elders zijn mooie dochters die de asceet, de komende Boeddha, wilden verleiden (blijf hier, wees net als ons, onvolmaakt, geeft niks) — zijn al die bovenstaande verlangens, gehechtheden, en genietingen.
In de tijd en ruimte waarin deze tekst ontstond kon ieder kind feiten van beeldspraak uiteen houden, in onze tijd en ruimte moet het telkens weer uitgelegd worden tegen de achtergrond van sprookjes en legenden die in onze streken bekend zijn, denk bij voorbeeld aan Arthur, de ridders van de Tafelronde, die "graal", en de tovenaar Merlijn die in de ondoordringbare broussailles van de Normandische kust schijnt te hebben gewoond.
|
|
de bhumi-sparsha mudra
|
| |
|
|
|
Nieuws over Boeddhisme is een productie van White Jade River, Instituut voor Boeddhisme.
De paginas bestaan sinds december 2004.
|
Stichting onder nummer 20138036.
|
| |