juli 2023      

  Nieuws over boeddhisme



Nu moeten we niet denken dat Roerich, omdat hij meewerkte aan de eerste boeddhistische tempel in Rusland (St. Petersburg, 1909) ook boeddhist was, hoewel hij zich, eenmaal in Sikkim, tot lama liet wijden — althans iets meemaakte waarvan hij dacht dat het een wijding was. Hij werd gevoed door alles wat maar esoterisch of mystiek was, vooral door het Russisch-orthodoxisme en de mystieke trends binnen bepaalde hinduïstische en boeddhistische scholen. Kwam hem niet aan met het niet-bestaan van god of een godheid; dat lag buiten zijn denkwereld. Wat dat betreft is de bij zijn bezoek aan het Roerich-museum in New York helemaal in de wolken zijnde Tsem Rinpoche extreem naief, hoewel we ook moeten erkennen dat voor een groot deel van de boeddhistische gemeenschap "zuiverheid van geest", het veel besproken "purity", identiek-gelijk wordt gesteld aan naïviteit, aan geen vragen stellen, aan niet onderzoeken. Zie hiervoor ook de appendix op de volgende pagina.
Hoe het ook wezen moge, McCannon komt op p. 467 tot de conclusie dat, we hebben het dan over de eerste jaren van WO-II, de Bhagavad Gīta voor Roerich het summum was: "... de dreiging van de technocatie aan de ene kant en de wijsheid van de Bhagavad Gīta aan de andere." En ook in deze tekst is sprake van het goddelijke en "de goden". Wat dat voor boeddhisten niet inhoudt leest u op pag. 5. Roerich was geen boeddhist.

Blijven de eerste, en meeste hoofdstukken in "Nicholas Roerich - etc." over, vele paginas waarin hij als schilder wordt geportretteerd, maar ook als hoofd over een paar academies voor schone kunsten, en als decor- en theaterkostuum-ontwerper. Hij was een groot en belangrijk man, in die tijd, in die kringen.
Daarbij dient een woord vooraf aan de lezer. Wie niet een beetje ingevoerd is in de tijd van de schone kunsten van rond het eind van de 19e en de eerste helft van de 20ste eeuw, kan moeite krijgen met alle namen die voorbij komen. Men moet al een beetje weten wie Scriabin was (skri-jaabin: een componist), en Malevich (maleevietsj: de schilder), en Sven Hedin (heedin: de ontdekker), en Tucci (toetsjie: de vertaler van tibetaanse teksten). Het online opzoeken van al die namen kan een zomervakantie in beslag nemen, maar dat is dan een verrijking van de culturele bagage — Hedin daargelaten.

Wie de picturale kunsten en de muziek een goed hart toedraagt zal met plezier de tekst tot zich nemen waaruit nog maar eens blijkt hoe belangrijk de toenmalige pre-moderne russische cultuur is geweest voor die van heel Europa. Het was geen tijd waarin de schaterlach overheerste, maar we komen alle namen tegen, van Malevitch tot Rimsky-Korsakov en Borodin.
Er was een richtingenstrijd gaande, van romantici als Roerich die de pre-historische oertijd als ideaal stelden tot iemand als Diaghilev die wilde vernieuwen en veranderen. Uiteindelijk kwamen ze vaak in een of andere vorm van kunstzinnige symbiose samen — en lieten de west-europese wereld van liefhebbers, zeker die van Parijs, mateloos opgewonden en stampijmakend achter bij de eerste opvoeringen van Le Sacre du Printemps, en iets minder opgewonden bij de oer-opvoering van Petroesjka, stukken waaraan Roerich als decor- en kostuumontwerper een bijdrage leverde.
Zie het decor voor Le Sacre du Printemps, deze schets voor Mussorgsky's Nacht op de Kale Berg (afgekeurd door het pseudo-boeddhistische joch dat het maar vulgariteit voor het lagere volk vond), of wat niet dit kunstentijdschrift "culturele misrepresentatie" noemt. Niettemin waren zijn berglandschappen adembenemend.

Voor de bouw van ziijn Roerich-museum in New York keerde hij in 1929 tijdelijk terug naar de VS en werd daar als een vorst onthaald, met een motor-escorte, en plechtig-hartelijke ontvangst door burgemeester Jimmy Walker, terwijl de bouw van het museum nog maar halverwege was. (ibid p.345/6) Roerich was in de ogen van de meeste Amerikanen niet niemand, geen vreemde snuiter, enkele journalisten verderop op het continent daargelaten. Als je zoveel geld bij elkaar kan sprokkelen, dan heb je 't echt wel gemaakt in dit leven: dat is de standaard waaraan in westelijke streken succes en standing wordt afgemeten — hoewel het geld voor het museum voornamelijk kwam van acoliet Louis Horch.
Niettemin waren Roerich's voorgaande "onderhandelingen" met China, met Rusland, met Tibet, met Mongolië, met de VS, met de Britten reden genoeg om hem een permanente verblijfsstatus waar dan ook te onthouden; hij en zijn echtgenote overleden in India als getolereerde statenlozen.

In het laatste hoofdstuk, we eindigen met pag. 513, is McCannon opvallend mild over het echtpaar Roerich. Hij meldt dat ze geen van hun hoogverheven doelen hebben behaald, het hoogste doel zijnde dat stichten van Shambalá.
We mogen er aan toevoegen dat ze — de Roerichs waren geen boeddhist en hadden uit de evt. nabijheid van monialen niets geleerd — die onvervulde verwachtingen niet hebben weten te transformeren. Hoezeer ze zich ook aan de omstandigheden hebben proberen aan te passen, Nicholas en Helena overleden onvervuld, zoals dat heet. Vandaar wellicht McCannon's late demonstratie van mededogen.
Nogmaals, lees het zelf.

een kleine correctie en een paar terzijdes
■ N.a.v. biografie van Nicholas Roerich, pre-revolutionaire kunst in Rusland

Terug naar Pagina 1

naar de voorpagina

naar het White Jade River-blog

Words in picture-blog




Nieuws over Boeddhisme is een productie van White Jade River, Instituut voor Boeddhisme.
De paginas bestaan sinds december 2004.

Stichting onder nummer 20138036.